Doel van het spel

De speler of het team die als eerste in willekeurige volgorde die zijn kleur ballen pot om vervolgens met de zwarte bal te eindigen wint het spel.

Start (of re-start) van het spel

De startende speler begint door de wit bal (Cue bal) tegen de gekleurde ballen aan te spelen. De witte (cue bal) mag vanuit elke positie achter of in lijn met de witte stip gespeeld worden. Er moet minimaal één bal geraakt worden.

De eerste bal die wordt gepot is de kleur die de speler moet spelen. Wanneer er geen ballen worden gepot mag er op elke bal gespeeld worden met uitzondering van de zwarte bal.

Wordt er bij de start van het spel de zwarte bal gepot dan start het spel opnieuw zonder gevolgen.

Blijf de kleur spelen van jou of je team tot alleen zwart over blijft.

Overtredingen

  • De witte bal gepot.
  • De tegenstanders bal eerst raken voordat je eigen bal geraakt wordt.
  • Geen enkele bal raken.
  • De zwarte bal raken voordat alle ballen gepot zijn.
  • De tegenstander zijn bal potten.

Als een gekleurde bal het speelveld verlaat, wordt deze bal teruggeplaatst zo dicht mogelijk bij de zwarte stip. Wordt de witte (cue) bal van het speelveld gespeeld, dan mag de bal door de tegenstander overal neergelegd worden.

  • Als een speler met zijn voet of kleding een andere bal raakt.
  • Het spelen voor zijn beurt.
  • Het spelen voordat de bal tot stilstand is gekomen.
  • Het spelen van de witte bal meer dan één keer.

Gevolg van een overtreding

Na een overtreding krijgt de tegenstander een extra beurt. Daarnaast mag de tegenstander de witte bal op elke willekeurige plek neerleggen op het speelveld, en elke richting opgespeeld worden.

Verlies van het spel

Als een speler de zwarte bal pot voordat hun eigen kleur gepot is.

Als de witte bal gepot wordt samen met de zwarte bal.

Als andere ballen gepot worden met de zwarte bal.

Scheidsrechter

De scheidsrechter heeft altijd gelijk.

Het spel wordt opnieuw gestart als er geen beslissing genomen kan worden door de spelers of scheidsrechter.